De 'namaak' proplamp van IKEA, mag dat?!

De producten van IKEA zijn wereldwijd verkrijgbaar en in sommige gevallen zelfs wereldberoemd. Wie kent de Billy boekenkast bijvoorbeeld niet?! Naast de vaste collectie komt IKEA regelmatig met nieuwe producten op de markt. Zo was daar begin 2015 de Krusning lampenkap die in twee versies wordt verkocht: 

 

Proplamp

Voor de kleine Krusning betaalt u EUR 6,99 en voor de grote EUR 14,95. Het Nederlandse ontwerp-duo Erwin Zwiers en Margje Teeuwen was helemaal niet blij met deze lamp van IKEA. Het duo is namelijk van mening dat het hier gaat om een slaafse nabootsing van hun ontwerp ‘Proplamp’, een design lamp die in verschillende formaten op de markt wordt gebracht voor prijzen variërend tussen de EUR 299,- tot EUR 1.199,-.:

.

Teeuwen besloot het er niet bij te laten zitten en stapte naar de rechter.

Slaafse nabootsing 

Intellectuele eigendomsrechten zoals het auteursrecht en het merkenrecht zijn er onder andere om de rechthebbenden te beschermen tegen het gebruiken van een werk of merk zonder toestemming van de maker. Ook als geen sprake is van bescherming door een intellectueel eigendomsrecht kan soms toch nog worden opgetreden tegen kopieergedrag. Het kopiëren wordt dan gezien als een slaafse nabootsing. Op basis daarvan kan een verbod en schadevergoeding worden gevraagd omdat dit als onrechtmatig handelen wordt aangemerkt.

Uitgangspunt is een ruime vrijheid om producten een zo groot mogelijke deugdelijkheid en bruikbaarheid te geven. Daarom is het niet verboden om van de inspanning, kennis en kunde van uw concurrent gebruik te maken in uw eigen voordeel. Zelfs wanneer uw concurrent daardoor benadeeld wordt! Het nabootsen is daarentegen niet toegestaan als u, zonder aan de deugdelijkheid en bruikbaarheid van het product afbreuk te doen, op sommige punten andere keuzes had kunnen maken. Daarbij gaat het om het doelbewust kopiëren van een product. Door niet af te wijken, ontstaat verwarring. Kunt u echter niet afwijken omdat het product anders technisch niet meer bruikbaar is, dan mag u nabootsen, zelfs als daardoor verwarring ontstaat.

Degene die zich op de leer van slaafde nabootsing  beroept zal moeten aantonen dat de nabootsende concurrent ook een andere vorm voor het gekopieerde product had kunnen kiezen.

Tot slot kan een beroep op slaafse nabootsing alleen worden gedaan als het product een zogenaamde eigen plaats op de markt heeft. Dit wil zeggen dat het product onderscheidend vermogen moet hebben als u het vergelijkt met de producten die op de rest van de markt verkrijgbaar zijn.

Het oordeel van de rechter

In de Proplamp-zaak oordeelt de rechter dat geen sprake is van slaafse nabootsing. De rechter is van mening dat het in slaafse nabootsingszaken altijd gaat om bewust kopiëren. Er kan dus niet worden gezegd dat een partij onbetamelijk handelt, door een product te ontwikkelen dat niet is ontleend aan een eerder product, ook al vertoont dat product grote overeenkomsten met het eerdere product. Op een maker kan volgens de rechtbank niet een verplichting rusten om verwarring tussen zijn product en een eerder, hem niet bekend product, te voorkomen.

IKEA betwist dat zij de lamp heeft nagebootst en stelt dat die in het IKEA ontwerpproces (in Denemarken en Zweden) tot stand is gekomen. Daarnaast voert Ikea aan dat zij zonder kennis te hebben genomen van de Proplamp en al voor 2014 de Krusning-lamp heeft ontworpen.

De rechtbank is van mening dat de lampen inderdaad overeenkomsten vertonen, maar dat het ook mogelijk is dat deze toevallig tot stand zijn gekomen. Uit andere lampen met een kreukelig uiterlijk die ook op de markt werden gebracht wordt voor de rechtbank duidelijk dat meerdere ontwerpers vergelijkbare lampen ontwierpen. Ook is het niet aannemelijk dat Deense of Zweedse ontwerpers de Proplamp al kenden. Daarom is alleen gelijkenis onvoldoende om van een slaafse nabootsing te kunnen spreken.

Opvallend

In deze zaak is het opvallend dat door  eiseres geen beroep wordt gedaan op het auteursrecht in verband met de volledige proceskostenveroordeling die volgt uit artikel 1019h Rv. In zaken die gaan over intellectuele eigendomsrechten kunnen dergelijke kosten namelijk volledig worden gevorderd. Omdat een proceskostenveroordeling voor de eiseres in dit geval hele grote financiële gevolgen zou kunnen hebben, werd hier bewust geen beroep op gedaan.

Voor een kunstenaar of een designer kan deze volledige proceskostenveroordeling dus een drempel opleveren om een (groot) bedrijf aan te spreken op inbreuk op ie-rechten.. De escape route is dan een beroep op slaafse nabootsing om zo de volledige proceskosten te omzeilen. De slaafse nabootsingsleer is namelijk gebaseerd op de onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW) en valt niet onder het regime van de volledige proceskostenveroordeling.

In de praktijk

In de praktijk zien wij dat vaak ‘inspiratie’ wordt opgedaan bij concurrenten. Beter goed gejat dan slecht bedacht luidt immers het bekende spreekwoord. Afhankelijk van de omstandigheden van het geval kan tegen dergelijke kopieën worden opgetreden. Echter, in sommige gevallen is het nabootsen toegestaan en zal ook een beroep op slaafse nabootsing niet slagen, zo blijkt ook uit deze Proplamp zaak.

Heeft u vragen over deze blogpost of slaafse nabootsing in het algemeen, neemt u dan contact met mij op.

Pascale Kos, advocaat Intellectueel Eigendom

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.