Door de NMa opgelegde boetes niet aftrekbaar van de winst

De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) legt boetes op vanwege overtredingen van de Nederlandse en Europese Mededingingswet. Bij het bepalen van de hoogte van de boete wordt rekening gehouden met de ernst en de duur van de overtreding, maar ook met het voordeel dat de overtreder in de tijd van overtreding heeft behaald.

Een beboete rechtspersoon probeerde de boete af te trekken van de gemaakte winst waarover belasting moet worden afgedragen, maar de Belastingdienst stak hier een stokje voor. Op 7 januari 2011 liet de Hoge Raad zich over de kwestie uit.

Doordat bij de opgelegde boete rekening was gehouden met het behaalde voordeel was de rechtspersoon van mening dat dit deel van de boete een voordeelontnemend karakter had en het dus van de behaalde winst kon worden afgetrokken.

In december 2008 besloot de Rechtbank Haarlem dat een NMa-boete niet van de winst afgetrokken mag worden en dat de boete evenmin kon worden gesplitst in een (aftrekbaar) voordeelontnemend deel en een (niet-aftrekbaar) bestraffend deel.

De rechtspersoon stelde cassatie in bij de Hoge Raad.

De Hoge Raad is van mening dat de gehele door de NMa opgelegde boete een bestraffend karakter heeft. Het feit dat bij het opleggen van de boete mede met de bij de overtreding betrokken omzet rekening is gehouden maakt dit niet anders. De Hoge Raad overweegt dat niet wordt beoogd het voordeel te ontnemen, maar de mededingingsregels effectief te handhaven door overtreders zodanig te straffen dat zij dit economisch voelen.

Bij het bepalen van de winst mogen bestuurlijke boetes dus niet van de winst worden afgetrokken.

Kosten en lasten ter voldoening aan de Staat van een geldbedrag of overdracht van in beslag genomen voorwerpen ter ontneming van verkregen voordelen mogen wél worden afgetrokken.

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.