Economische sancties tegen Rusland; do’s and don’ts voor de aardolie-gerelateerde offshore industrie

Met een aanhoudende malaise op de Noordzee, waar alleen met decommisioning nog wat te verdienen valt is het aantrekkelijk opdrachten elders te zoeken, meer in het bijzonder ook in Rusland en haar exclusieve economische zone respectievelijk continentaal plat. Dat is niet onbegrensd mogelijk vanwege de als gevolg van haar  inmenging in de Oekraïne en de inlijving van de Krim in 2014 tegen Rusland ingestelde sancties. Wat mag er wel, waar is een vergunning voor nodig en wat mag er vooral ook niet in de aardolie-gerelateerde offshore industrie? 

Juridisch kader

Van belang zijn in het bijzonder Verordening (EU) nr. 833/2014, nr. 960/2014, nr. 1290/2014 en nr. 2015/1797. Deze Verordeningen betreffen allen de beperkende maatregelen die zijn ingesteld naar aanleiding van de acties van Rusland die de situatie in de Oekraïne destabiliseren.

Zie in dat kader vooral ook de door ‘Brussel’ voor gebruikersgemak gepubliceerde samengestelde tekst van deze Verordeningen. Die samengestelde tekst is louter een hulpmiddel, geen bindende tekst. Om de leesbaarheid van deze bijdrage te verhogen ben ik van de samengestelde tekst uitgegaan. Omdat sanctieregelgeving regelmatig wijzigt is het aanbevelenswaardig vooral in de samengestelde tekst  te kijken.

Daarnaast zijn van belang de Verordening (EU) nr. 692/2014 , nr. 825/2014 en nr. 1351/2014  betreffende beperkende maatregelen naar aanleiding van de illegale inlijving van de Krim en Sebastopol en tenslotte is er een categorie sancties betreffende specifieke personen en entiteiten.

Op die laatste twee categorieën ga ik in het kader van dit artikel niet in omdat die sancties meer  algemeen van aard zijn, respectievelijk vooral op import- en export- dan wel financiële verboden en restricties zien. Goederen en technologie voor de transport-, telecommunicatie- en energiesector of de exploratie van olie-, gas- en minerale hulpbronnen mogen in ieder geval niet naar bedrijven op de Krim of voor gebruik in de Krim worden uitgevoerd. Technische bijstand, tussenhandel-, bouw- of ingenieursdiensten in verband met infrastructuur in dezelfde sectoren mogen ook niet worden verstrekt. En uiteraard is de eerste stap in een klantidentificatieproces altijd de verificatie of de klant respectievelijk (eind-)gebruiker niet een ‘listed person’ is. Als dat het geval is behoeft tenslotte al niet verder gekeken te worden, want dan mogen er überhaupt geen zaken worden gedaan..

De belangrijkste implicaties voor de olie-gerelateerde offshore industrie

  • Het is verboden om goederen voor tweeërlei gebruik, d.w.z. goederen die zowel een civiel als een militair gebruik kunnen hebben, direct of indirect te verkopen, leveren, over te dragen aan of uit te voeren naar natuurlijke personen, entiteiten of lichamen in Rusland of voor gebruik in Rusland indien deze goederen geheel of gedeeltelijk bedoeld zijn of kunnen zijn voor militair gebruik of voor een militaire eindgebruiker. Goederen voor tweeërlei gebruik, in het Engels ook wel ‘dual-use goederen’ genaamd, zijn de goederen opgenomen in bijlage I bij Verordening (EG) nr. 428/2009 (‘de Dual Use Verordening’). Dit verbod geldt ongeacht of de goederen van oorsprong zijn uit de EU of derde landen. Let hier overigens op dat het niet alleen om fysieke goederen gaat. De definitie van goederen voor tweeërlei gebruik omvat ook technologie en software. Aandachtspunt is tot slot dat de verbodsbepaling een breder pallet aan handelingen dekt dan export waarop de Dual-Use Verordening door middel van een vergunningensysteem controle op uitoefent.

Bijlage I bij Verordening (EU) nr. 428/2009 is onderverdeeld in 10 categorieën (0-9). Categorie 8 (Zeewezen en Schepen) is naar zich laat aanzien met name van belang voor de offshore industrie en vermeldt o.a. (niet uitputtend derhalve) diverse onderwatervoertuigen en oppervlaktevaartuigen (ECCN 8A001), waaronder ook (getuide en ongetuide) onderzeeërs en bepaalde systemen voor de berging op zee, mariene  systemen, apparatuur en onderdelen (ECCN 8A002) zoals bijvoorbeeld systemen, apparatuur en onderdelen speciaal ontworpen voor (als aparte categorie ook; de navigatie van) onderwatervoertuigen, bepaalde lichtbronnen, speciaal ontworpen of aangepast voor gebruik onder water, bepaalde “robots” voor gebruik onder water, bepaalde aandrijf en voortstuwingssystemen, bepaalde duikapparatuur (zgn. volledig en halfgesloten ‘rebreathers’, behoudens wanneer voor persoonlijk gebruik door de gebruiker meegevoerd), diverse test-, inspectie en productieapparatuur, syntactisch schuim voor onderwater,  en tenslotte programmatuur en technologie vooral ook met betrekking tot de eerder genoemde goederen (categorie 8B t/m E).

  • Het is (m.u.v. contracten of uitvloeisels daarvan die dateren van voor 12 september 2014) verboden om goederen voor tweeërlei gebruik, inclusief technologie en software, van bijlage I bij de Dual Use Verordening, wederom ongeacht of zij van oorsprong uit de EU zijn, direct of indirect te verkopen, leveren, over te dragen aan of uit te voeren naar natuurlijke personen, entiteiten of lichamen in Rusland genoemd in bijlage IV bij Verordening 833/2014. 

Op bijlage IV prijken de navolgende namen: JSC Sirius (optoelectronics for civil and military purposes) OJSC Stankoinstrument (mechanical engineering for civil and military purposes) OAO JSC Chemcomposite (materials for civil and military purposes) JSC Kalashnikov (small arms) JSC Tula Arms Plant (weapons systems) NPK Technologii Maschinostrojenija (ammunition) OAO Wysokototschnye Kompleksi (anti-aircraft and anti-tank systems) OAO Almaz Antey (state-owned enterprise; arms, ammunition, research) OAO NPO Bazalt (state-owned enterprise, production of machinery for the production of arms and ammunition). Dat er een grote mate van overlap is tussen de twee sanctiebepalingen is duidelijk.

  • Het is verboden om technische bijstand, tussenhandeldiensten of andere diensten te verlenen die verband houden met de in het vorige bulletpoint genoemde  goederen en technologie en met de levering, het onderhoud en het gebruik van deze goederen en technologie.

Technische bijstand wordt als volgt gedefinieerd; “elke technische steun in verband met reparaties, ontwikkeling, vervaardiging, assemblage, beproeving, onderhoud of enige andere technische dienst; technische dienst kan de vorm aannemen van bijvoorbeeld instructie, advies, opleiding, overdracht van praktische kennis of vaardigheden of adviesdiensten, met inbegrip van mondelinge vormen van bijstand”.

Tussenhandel (‘brokering’) wordt gedefinieerd als; “het onderhandelen over of regelen van transacties met het oog op de aankoop, verkoop of levering van goederen en technologie of van financiële en technische diensten, ook van een derde land (d.w.z. een niet EU lidstaat, toevoeging van mij auteur) aan een ander derde land, of het verkopen of aankopen van goederen of technologie, of van financiële en technische diensten, ook als deze zich in derde landen bevinden, met het oog op de overbrenging ervan naar een ander derde land”. De regeling heeft m.a.w. extraterritoriale werking.

  • Een voorafgaande vergunning is vereist voor het direct of indirect verkopen, leveren of overdragen aan en uitvoeren van de goederen die zijn opgenomen in bijlage II van Verordening 833/2014, al dan niet van oorsprong uit de EU, ten behoeve van een natuurlijk persoon, rechtspersoon, entiteit of lichaam in Rusland, met inbegrip van zijn exclusieve economische zone en zijn continentaal plateau, of van een andere staat, indien die goederen bestemd zijn voor gebruik in Rusland, met inbegrip van zijn exclusieve economische zone en zijn continentaal plateau. Afgegeven vergunningen door de bevoegde autoriteit (bij ons de Centrale Dienst In- en Uitvoer [CDIU] met mandaat van BUZA) zijn in de gehele EU geldig. Bijlage II bevat een lijst van goederen die kunnen worden gebruikt voor de hierna genoemde categorieën (a) t/m c) exploratie- en productieprojecten in Rusland, met inbegrip van haar exclusieve economische zone en zijn continentaal plateau. Op die lijst staan in ieder geval diverse buizen en pijpen van de soort gebruikt voor olie- en gasleidingen, bekledingsbuizen (‘casings’), exploitatiebuizen (’tubings’), boor- en werkeilanden die al dan niet op de zeebodem geplaatst kunnen worden, zeelichtschepen, zeepompboten, drijvende zeekranen en andere zeeschepen, waarbij het varen slechts van bijkomstige betekenis is vergeleken met de hoofdfunctie (bijvoorbeeld boorschepen). De categorieën zijn als volgt;

    1. exploratie en productie van olie in water meer dan 150 meter diep;
    2. exploratie en productie van olie in het offshore gebied ten noorden van de noordpoolcirkel, of;
    3. (voor de aardolie-gerelateerde offshore industrie van ondergeschikt belang) projecten waarmee potentieel door middel van hydrofracturering (‘fracking’) aardolie gewonnen kan worden uit stoffen die zich bevinden in schalieformaties. De vermelding ziet niet op het door schalieformaties heen zoeken naar zich daar mogelijk onder bevindende aardoliereservoirs.
  • Geen vergunning wordt verleend (m.a.w. er geldt de facto een verbod) voor de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de goederen die zijn opgenomen in bijlage II van Verordening 833/2014, indien de bevoegde autoriteit redelijke gronden heeft om aan te nemen dat de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de goederen bestemd is voor een van de hiervoor onder a) t/m c) genoemde categorieën exploratie- en productieprojecten. 

Ook hier is er weer een uitzondering voor lopende projecten. Ingeval die (en de uitvloeisels daarvan) dateren van voor 1 augustus 2014, dan kán  een vergunning verleend worden. Die bevoegdheid lijkt tot op zekere hoogte discretionair te zijn. Er geldt nog wel ook een uitzondering in die zin dat er excepties kunnen zijn in geval van gebeurtenissen die ernstige en aanzienlijke gevolgen voor de gezondheid en veiligheid van de mens of het milieu zouden kunnen hebben.

  • Het  is verboden om direct of indirect met één van de hiervoor onder a) t/m c) genoemde categorieën exploratie- en productieprojecten verband houdende diensten (in de Engelse tekst: ‘associated services’) te verstrekken (m.u.v. dergelijke diensten onder contracten of uitvloeisels daarvan die dateren van voor 12 september 2014). De verlener van deze ‘daarmee verband houdende diensten’ heeft een meldingsplicht. Deze dient binnen een termijn van 5 werkdagen kennis te geven van alle activiteiten op dit vlak en inlichtingen te verstrekken over de rechtvaardiging van de verkoop, levering, overdracht of uitvoer. Gezien het (mogelijke) verbod (de tekst van de verordening is op dit punt niet echt duidelijk) versta ik dat de melding dient te worden gedaan minimaal 5 werkdagen voorafgaand aan het verrichten van die daarmee verband houdende diensten. Onder daarmee verband houdende diensten is limitatief te verstaan:
    1. boringen (‘drilling’);
    2. tests (‘well testing’);
    3. meting en afwerking van boorgaten (‘logging and completion services’);
    4. levering van gespecialiseerde drijvende installaties (‘supply of specialised floating vessels’).
  • Technische bijstand en tussenhandeldiensten in verband met in bijlage II van Verordening 833/2014 genoemde goederen, en in verband met het leveren, vervaardigen, onderhouden en gebruiken van deze goederen, direct of indirect, aan of ten behoeve van natuurlijke personen, rechtspersonen, entiteiten of lichamen in Rusland, met inbegrip van zijn exclusieve economische zone en zijn continentaal plateau, of als dergelijke bijstand betrekking heeft op goederen bestemd voor gebruik in Rusland, met inbegrip van zijn exclusieve economisch zone en continentaal plateau, aan personen, entiteiten of lichamen in een nadere staat, zijn vergunningplichtig.

  • Ook hier geldt dat geen vergunning wordt verleend (m.a.w. er geldt de facto een verbod) voor technische bijstand en tussenhandeldiensten in verband met de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van de goederen die zijn opgenomen in bijlage II van Verordening 833/2014, indien de bevoegde autoriteit redelijke gronden heeft om aan te nemen dat de verkoop, levering, overdracht of uitvoer van die goederen bestemd is voor een van de hiervoor onder 1 t/m 3 genoemde categorieën exploratie- en productieprojecten.

Ik heb met het bovenstaande getracht een snel overzicht met betrekking tot de Rusland sancties te geven (en dito ‘awareness’ te creëren) voor (in) de aardolie-gerelateerde offshore industrie. Ik heb alleen die onderdelen die direct implicaties voor deze industrie hebben bij de kop gepakt. Er blijven niettemin grijze gebieden. Om maar een voorbeeld te geven; wat zijn gespecialiseerde drijvende installaties (‘supply of specialised floating vessels’)’? Dat een boorschip daar onder valt is mede op grond van bijlage II bij Verordening 833/2014 voor de hand liggend, maar wat te zeggen van een schip dat seismologisch onderzoek doet, of een drijvend hotel voor op een olieplatform werkend personeel? Mag dat wel worden verkocht, geleverd, daarvoor of daaraan technische bijstand worden verleend of tussenhandel worden verricht? Ik denk het wel, maar een tint grijs blijft er.

Idem de definitie van ‘technische assistentie’. De definitie richt zich op de techniek. Mag algemene business consultancy in de aardolie-gerelateerde offshore industrie (de Engelse versie van de definitie ‘technical assistance’ noemt onder meer ‘consulting services’ - als equivalent voor ‘adviesdiensten’ - als verschijningsvorm)? Ik meen wederom van wel, mits men maar echt weg blijft van de techniek.

En wat te denken van  technische assistentie aan een gespecialiseerde drijvende installatie die voor de kust van Sachalin ligt? Sachalin ligt buiten de poolcirkel en oliewinning geschiedt daar in water minder dan 150 meter diep. Mag dat of zal de CDIU niet toch met een beroep op een redelijk vermoeden ‘njet’ zeggen? Met het bevaarbaar worden van de noordelijke zeeroute en omdat een schip naar zijn aard kan varen naar een andere bestemming, zoals ten noorden van de poolcirkel/diep water, is dat goed denkbaar en wellicht zelfs voor de hand liggend. Een sondage kan wellicht uitkomst bieden, maar ook dat geeft strikt genomen geen zekerheid. Sondages zijn niet bindende uitspraken.

Dat is niettemin een beter alternatief dan achteraf op de blaren zitten. En die kunnen divers en fors van aard zijn. Eerst navraag bij Kneppelhout doen is vanzelfsprekend een wel zo adequaat en vertrouwd verder alternatief. De sanctie en exportcontrole specialisten van Kneppelhout zijn graag behulpzaam.

Marc Padberg, partner/advocaat Handel, Industrie & Logistiek


Disclaimer: dit artikel beoogt slechts een op de aardolie-gerelateerde offshore industrie toegespitst overzicht van vigerende sancties te geven en ‘awareness’ te creëren. Niet alle jegens Rusland genomen maatregelen worden besproken. Aan de inhoud van het artikel  kunnen geen rechten worden ontleend.

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.