Ins en outs over textielinvoer: Bindende Tariefinlichtingen (BTI)

Voor goederen uit derde landen die de Europese Unie binnenkomen moet een invoeraangifte worden gedaan alvorens zij hier in het vrije verkeer mogen gebracht worden. Ook moet voor de meeste goederen rechten bij invoer betaald worden en bij sommige producten van oorsprong uit bepaalde landen gelden antidumpingrechten.

Gecombineerde Nomenclatuur

Bij de invoeraangifte moet een goederencode vermeld worden. In het Europese douanerecht zijn alle goederen via de Gecombineerde Nomenclatuur (GN) ingedeeld en van een goederencode van acht cijfers voorzien. De Gecombineerde Nomenclatuur is weer gebaseerd op het Geharmoniseerd Systeem (GS) van de Wereld Douane Organisatie. Het GS is een nomenclatuur (naamlijst) die wereldwijd wordt gebruikt en uit zes cijfers bestaat. Het Geharmoniseerd Systeem en de Gecombineerde Nomenclatuur zijn dus systematische naamlijsten van goederen. Alle structuren, afdelingen, hoofdstukken, (aanvullende) aantekeningen, posten(onderverdelingen) en codes van het Geharmoniseerd Systeem zijn opgenomen in de Gecombineerde Nomenclatuur. De Gecombineerde Nomenclatuur wijkt niet af van het Geharmoniseerd Systeem, maar is in feite een fijnmaziger aanvulling op het Geharmoniseerd Systeem.

Goederencode

Het Geharmoniseerd Systeem bestaat uit 21 afdelingen, die weer zijn onderverdeeld in (in totaal) 99 hoofdstukken. De afdeling XI ‘Textielstoffen en textielwaren’ omvat bijvoorbeeld de hoofdstukken 50 tot en met 63. De structuur is zo opgesteld dat de hoofdstukken van een afdeling oplopen van grondstof, via halffabricaat tot eindproduct. Zo omvat bijvoorbeeld hoofdstuk 51 ‘wol, fijn haar en grof haar’, hoofdstuk 60 ‘brei- en haakwerk aan het stuk’ en hoofdstuk 61 ‘kleding en kledingtoebehoren, van brei of haakwerk’. Hoofdstuk 57 behandelt de indeling van tapijten. Het principe is dus dat alle goederen - waar ook ter wereld - met het oog op de uniformiteit en rechtszekerheid moeten kunnen worden ingedeeld onder een bepaalde (zelfde) post.

Invoerrechten

De goederencode is mede bepalend voor de omvang van de invoerrechten (douanerecht en heffingen van gelijke werking, zoals anti-dumpingrechten). Bij de goederencodes horen namelijk uiteenlopende percentages en ook de anti-dumpingrechten worden aan de goederencodes gekoppeld. Het is verder ook van belang om te weten onder welke goederencode een product moet worden ingedeeld in functie van de tariefcontingenten en invoervergunningen die kunnen gelden. De Gecombineerde Nomenclatuur is door de Europese Unie vastgesteld bij verordening. In deze verordening is niet alleen de naamlijst opgenomen maar ook het gemeenschappelijke douanetarief. De verordening wordt jaarlijks met uitvoeringsverordeningen door de Europese Commissie gewijzigd en up-to-date gemaakt.

Classificatie

De indeling van goederen is dus nogmaals van belang. Discussies over de classificatie (zogenoemde 'indelingszaken') komen veelvuldig voor. Een voorbeeld uit de textielbranche is het geschil tussen de douane en de belanghebbende over de indeling van een trappelzak voor baby’s. Moet dit product ingedeeld worden als slaapzak of als kinderkleding? Het kan prettig zijn vooraf te weten welke goederencode van toepassing is. Dan weet men immers hoeveel afgerekend moet worden en kan dat bedrag in de prijs verrekend worden. Bovendien voorkomt het (dure) verrassingen als de douane – soms pas na een reeks aangiften – het goed een andere goederencode met een hoger percentage toekent. Ook is dan duidelijk of er nog andere regels gelden waarmee rekening moet worden gehouden. Geldt er een contingent? Is er een invoervergunning nodig of niet?

Bindende Tariefinlichtingen (BTI)

Het Europese douanerecht voorziet in de behoefte aan (rechts) zekerheid van marktdeelnemers door op verzoek ‘Bindende Tariefinlichtingen' (BTI's) af te geven. Het is mogelijk een BTI aan te vragen bij de douane waarin staat welke code van toepassing is. Een BTI is – behoudens verlies van geldigheid – gedurende zes jaar geldig in de gehele Europese Unie. De lidstaten zijn over en weer aan BTI’s gebonden. Een BTI bindt de douane slechts tegenover de verkrijger van de BTI en alleen voor de tariefindeling van het goed waarvoor de BTI is aangevraagd. Een BTI kan in beginsel slechts betrekking hebben op één soort goederen.

Het is van belang om te weten onder welke goederencode een product moet worden ingedeeld.

De aanvrager is gehouden een gedetailleerde omschrijving van de goederen te verstrekken in zijn aanvraag, alsmede alle gegevens te verschaffen om de juiste tariefindeling vast te stellen. Na aangifte geldt dat de aangever moet kunnen aantonen dat het aangegeven goed in elk relevant opzicht overeenstemt met het goed dat in de BTI is beschreven.

Dit artikel is eerder verschenen in Texpress (2013; nummer 9) - magazine voor de (interieur)textiel, tapijt en kledingsector.



Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.