Persoonlijke gegevens UBO’s via centraal register voor iedereen toegankelijk

Europese bedrijven zijn vanaf volgend jaar verplicht informatie over hun uiteindelijk begunstigden (UBO’s) te publiceren in een centraal register. Door bepaalde informatie over (de identiteit van) economisch gerechtigden van rechtspersonen transparant te maken kunnen belastingontduiking en witwaspraktijken worden aangepakt. Maar de gevolgen voor de privacy van UBO’s kunnen zeer ingrijpend zijn.

De Vierde Anti-witwasrichtlijn (Richtlijn 2015/849) verplicht alle EU-lidstaten om een zogenoemd UBO-register in te voeren: een centraal register waarin informatie over de identiteit van UBO’s van vennootschappen, stichtingen en trusts wordt bijgehouden. Na omzetting van de richtlijn in nationale wetgeving zijn entiteiten die binnen het bereik van de richtlijn vallen verplicht hun UBO’s te identificeren en actuele gegevens over hen bij te houden in het UBO-register.

UBO staat voor ultimate beneficial owner, ofwel uiteindelijk begunstigde. Kort gezegd is een uiteindelijk begunstigde:

  • een natuurlijke persoon die een belang houdt van meer dan 25% in het kapitaal van een rechtspersoon, danwel meer dan 25% van de stemrechten in de algemene vergadering heeft of op andere wijze feitelijke zeggenschap kan uitoefenen; of
  • begunstigde van meer dan 25% van het vermogen van een stichting of trust, danwel degene die bijzondere zeggenschap heeft over meer dan 25% van het vermogen van een stichting of trust.

Openbaar

Minister Dijsselbloem van Financiën kondigde onlangs in een brief aan de Tweede Kamer aan dat het UBO-register in Nederland openbaar wordt. Dit houdt in dat niet alleen overheidsinstanties en meldingsplichtige partijen (zoals banken, verzekeraars en advocaten) gegevens over UBO’s kunnen inzien, maar ook het publiek. Opmerkelijk is dat de wetgever uitdrukkelijk geen gebruik maakt van de mogelijkheid die de richtlijn biedt om het UBO-register slechts open te stellen indien een ‘legitiem belang’ wordt aangetoond (bijvoorbeeld door een onderzoeksjournalist). Houdt de wetgever met deze vergaande mate van openbaarheid wel voldoende rekening met de privacybelangen van UBO’s?

Privacy

De Minister meent dat de privacy van UBO’s voldoende is gewaarborgd doordat publieke bezoekers slechts een beperkte set gegevens kunnen inzien: naam, geboortemaand en –jaar, nationaliteit, land van verblijfplaats en aard en omvang van het gehouden economisch belang. Een andere waarborg is dat iedere gebruiker van het register wordt geregistreerd en een vergoeding moet betalen. Bij een risico op kidnapping, chantage of intimidatie zal per individueel geval worden beoordeeld of de concrete risico’s afscherming van bepaalde informatie rechtvaardigen.

De wetgever werkt op dit moment aan een wetsvoorstel om de richtlijn te implementeren. Of de definitieve wettekst voldoende tegemoet komt aan de zorgen van UBO’s over hun privacy zal dus nog moeten blijken. De implementatie van het UBO-register en de nieuwe regelgeving moet uiterlijk 26 juni 2017 gereed zijn.

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.