Vakantie(rechten)! Bent u al zomerklaar?

De vakantieperiode is weer aangebroken! Een periode waar door velen verlangend naar wordt uitgekeken. Toch bestaat bij werkgevers (en werknemers) onduidelijkheid over deze zorgeloze periode. Om organisaties ‘summerproof’ te maken, zijn hieronder de meest gestelde vragen en antwoorden met betrekking tot vakantierechten daarop te vinden.

  1. Op hoeveel vakantiedagen heeft de werknemer recht?
    Het wettelijk minimum is vastgesteld op minstens 4 keer de arbeidsduur per week. Ook wel wettelijke vakantiedagen genoemd. Dat betekent: als uw werknemer 5 dagen per week werkt, hij ten minste recht heeft op 20 vakantiedagen per jaar. Werkt de werknemer 3 dagen per week, dan heeft hij recht op minstens 12 vakantiedagen.
  2. Wat zijn bovenwettelijke vakantiedagen?
    Dit zijn de dagen ‘boven het wettelijk minimum’ (zie vraag 1).
  3. Wie bepaalt of en wanneer vakantie wordt opgenomen?
    De werkgever kan vooraf – schriftelijk – bedingen dat in een bepaalde periode vakantie moet worden opgenomen. Denk aan bijvoorbeeld de ‘bouwvak’, of een verplichte vrije dag. Is dat niet gebeurd, dan geldt het uitgangspunt dat de wens van de werknemer ‘leidend’ is. De wet bepaalt namelijk dat de werkgever de vakantie overeenkomstig de wensen van de werknemer vaststelt. Tenzij de werkgever goede redenen heeft dit niet te doen.
  4. Mogen tijdens het dienstverband vakantiedagen uitbetaald worden?
    Tijdens het dienstverband mogen alleen bovenwettelijke vakantiedagen worden afgekocht. Dit moet wel schriftelijk zijn overeengekomen.
  5. Hoeveel vakantiedagen bouwt een zieke werknemer op?
    Voor de opbouw van vakantiedagen wordt geen onderscheid gemaakt tussen een zieke of niet-zieke werknemer. De wettelijke vakantiedagen worden tijdens ziekte volledig opgebouwd. Ten aanzien van de bovenwettelijke dagen kan schriftelijk worden overeengekomen dat voor de opbouw een andere systematiek wordt gekozen. Is hier niets over geregeld, dan geldt hetzelfde systeem als voor de wettelijke vakantiedagen.     
  6. Een werknemer wordt ziek tijdens de vakantie. Gaat dit toch ten koste van de vakantiedagen?
    De hoofdregel is dat dagen waarop de werknemer tijdens een vastgestelde vakantie ziek is, geen vakantiedagen, maar ziektedagen zijn. Met toestemming van de werknemer kan hiervan per geval wel worden afgeweken. Ook kunnen partijen vooraf (schriftelijk) afspreken dat ziektedagen tijdens een vastgestelde vakantie gelden als vakantiedagen. Dat kan alleen ten aanzien van de bovenwettelijke dagen van dat jaar.
  7. Mag een zieke werknemer op vakantie gaan?
    Het is niet verboden dat een zieke werknemer vakantie opneemt. Dit bespoedigt zelfs veelal het herstel. Advies is om de bedrijfsarts te laten beoordelen of er medische bezwaren zijn hiertegen. Hij kan op medische gronden beoordelen of de vakantie schadelijk is voor het herstel. De werkgever beslist vervolgens, mede op basis van dit advies, of de werknemer op vakantie kan en/of mag. Geef hierbij duidelijk aan dat de opgenomen dagen van het vakantiedagensaldo afgaan.
  8. Hoe om te gaan met vakantiedagen bij einde dienstverband?
    Veel werkgevers spelen met de vraag of er een verplichting bestaat tot uitbetalen van de nog openstaande vakantiedagen, dan wel deze dienen uit te betalen bij einde dienstverband. In de wet is geregeld dat een werknemer recht heeft op uitbetaling van zijn niet opgenomen vakantiedagen. Dit kan hij dus in ieder geval afdwingen. Kan dat ook ten aanzien van het opnemen van vakantiedagen? De regels voor het opnemen van vakantiedagen bij (het naderende) einde dienstverband zijn gelijk aan die van tijdens het dienstverband. De werkgever zal dus overeenkomstig de eisen van werknemer de vakantie moet vaststellen. De werkgever kan dus niet eisen dat de vakantiedagen worden opgenomen, evenmin kan de werknemer dat afdwingen.
  9. Verval van vakantiedagen
    De wettelijke vakantiedagen die een werknemer niet heeft opgenomen, vervallen een half jaar na het kalenderjaar waarin ze zijn opgebouwd (tenzij de werknemer redelijkerwijs niet in staat is geweest deze op te nemen). Wettelijke vakantiedagen uit 2017 vervallen dus eind juni 2018. Bovenwettelijke vakantiedagen hebben een vervaltermijn van vijf jaar. Bovenwettelijke dagen die zijn opgebouwd in 2016, vervallen dus 31 december 2021.

Tot zover de antwoorden op de meestgestelde vragen omtrent vakantie(rechten). Wilt u meer informatie over dit onderwerp, dan horen we dat graag!

Arnold Birkhoff & Rogier van Huussen, advocaten Arbeidsrecht

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.