Vuurwerkvrije zones

Vuurwerk is rond de jaarwisseling steeds vaker onderwerp van discussie. Er gaan steeds meer stemmen op om het afsteken van vuurwerk door consumenten zo veel mogelijk te beperken.

Algemene regels Vuurwerkbesluit

Dat begint al met het Vuurwerkbesluit dat verkoop van consumentenvuurwerk aan particulieren alleen de laatste drie dagen van het jaar toestaat. Omdat de laatste dag van het jaar dit jaar op een zondag valt, mag verkoop uitsluitend plaatsvinden op 28, 29 en 30 december en dus niet op 31 december zelf. Hierbij geldt een maximum van 25 kilo per persoon. Daarnaast geldt dat bepaalde categorieën vuurwerk zijn toegelaten voor verschillende leeftijdscategorieën. Na de aankoop van vuurwerk mag het aangekochte vuurwerk slechts vanaf 31 december 18.00 uur tot 1 januari 02.00 uur worden afgestoken.

Vuurwerkvrije zones

Daar blijft het niet bij. Gemeentes zijn namelijk bevoegd om vuurwerkvrije zones aan te wijzen waar een verbod geldt om vuurwerk af te steken. De aanwijzing van een vuurwerkvrije zone vormt een uitzondering op de in het Vuurwerkbesluit genoemde dagen en tijdstippen dat afsteken van vuurwerk is toegestaan.

Deze bevoegdheid van het college van burgemeester en wethouders is gebaseerd op de algemene bevoegdheid van het college die geldt op grond van artikel 160 Gemeentewet, waarin is opgenomen dat het college bevoegd is het dagelijks bestuur van de gemeente te voeren. Op grond van dit artikel kan het college in de Algemene Plaatselijke Verordening bepalen dat voor bepaalde gebieden een aanwijzingsbesluit kan worden genomen inhoudende een verbod om vuurwerk af te steken.

Uitspraak Afdeling bestuursrechtspraak Raad van State

Een aantal vuurwerkhandelaren in Hilversum heeft een lange juridische strijd gevoerd tegen het instellen van een vuurwerkvrijezone door het college van burgemeester en wethouders van Hilversum. Dat aanwijzingsbesluit - dat in oktober 2014 werd genomen - was het eerste aanwijzingsbesluit voor een vuurwerkvrije zone. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde in december 2016 dat de gemeente dergelijke vuurwerkvrije zones mag aanwijzen.

Anders dan de vuurwerkhandelaren betoogden, gaat het bij een vuurwerkvrije zone niet om het handhaven van de openbare orde waarvoor de burgemeester exclusief bevoegd is, maar om een op de openbare orde gerichte bestuurs- en beheerstaak. Ofwel ingeval van feitelijke en concrete ordeverstoringen waartegen onmiddellijk en daadkrachtig moet worden opgetreden is de burgemeester aan zet, maar het vooraf stellen van regels voor toekomstige jaarwisselingen is aan het college. Verder was onder meer nog aangevoerd dat het aanwijzingsbesluit zal leiden tot omzetdaling en dat het college om die reden op basis van het specialiteitsbeginsel meer rekening had moeten houden met de belangen van de handelaren. Naar het oordeel van de Afdeling was het omzetverlies niet zodanig dat het college daaraan een doorslaggevend gewicht diende toe te kennen ten opzichte van het belang van voorkoming van gevaar, schade of overlast.

Jaarwisseling 2017

Dit jaar zou volgens de VNG ongeveer een kwart van de gemeenten voornemens zijn gebruik te maken van de mogelijkheid om vuurwerkvrijezones vast te stellen, waaronder een aantal voor het eerst. Dit varieert van een verbod om vuurwerk af te steken nabij scholen, kinderdagverblijven en/of tankstations en bijvoorbeeld in de buurt van rieten daken tot aan delen van het centrum, zoals in Hilversum. Met toepassing van dit instrument hopen gemeenten zoveel mogelijk overlast door vuurwerk en vooral schade aan openbare voorzieningen te beperken.

Eveline Smits, advocaat bestuursrecht

Op de hoogte blijven?

Schrijf je in en ontvang de laatste nieuwsupdates, artikelen, blogs en evenement notificaties.