Civiele cassatie & Procesrecht

Soms is het nodig een geschil aan de rechter voor te leggen. Maar ook rechtspreken is mensenwerk en het kan gebeuren dat de rechter die over een zaak oordeelt het niet bij het rechte eind heeft. Indien partijen het niet eens zijn met een uitspraak in hoger beroep kan daartegen in sommige gevallen cassatieberoep worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden. De Hoge Raad kan een uitspraak alleen vernietigen als een rechter het recht niet goed heeft toegepast of indien een uitspraak niet deugdelijk is gemotiveerd. In cassatie kunnen geen nieuwe feiten of stellingen worden aangevoerd en klachten over een uitspraak moeten zijn gebaseerd op feiten die eerder in de procedure aan de orde zijn gekomen. Niet elke zaak kan dus aan de Hoge Raad worden voorgelegd.

Meekijken, voorkomen en anticiperen

Zoals altijd is voorkomen beter dan genezen. Daarom kan het verstandig zijn al in hoger beroep een cassatieadvocaat bij de behandeling van een zaak te betrekken. Een cassatieadvocaat kijkt met een andere bril naar de zaak en kan, in nauwe samenwerking met de behandelend advocaat, bijdragen aan de beste aanpak van een zaak, ook op proces-rechtelijk gebied. Op deze manier kan ook worden geanticipeerd op een mogelijk cassatieberoep.

Vakmanschap is meesterschap

Het voeren van procedures bij de Hoge Raad is een ambacht dat hoge eisen stelt aan de cassatieadvocaat. Kneppelhout combineert expertise op alle grote rechts-gebieden met uitstekende kennis van het procesrecht en cassatietechniek, zodat u verzekerd bent van de beste bijstand in juridische procedures.

Waarvoor kunt u bij ons terecht?

  • Advies in hoger beroep, al dan niet met het oog op cassatie
  • Strategisch appèladvies
  • Quick scan of cassatieadvies
  • Het voeren van civiele cassatieprocedures

Track record 

  • HR 19 februari 2016 (X/Basil B.V)
    Beschermingsomvang niet-geregistreerd gemeenschapsmodel en in eerste aanleg opgelegde dwangsom. Kan een in eerste aanleg gegeven bevel met dwangsom in hoger beroep worden vervangen door eenzelfde bevel op andere grondslag, met de oorspronkelijke ingangsdatum?

  • HR 9 mei 2014 (Botersloot C.V./ABN AMRO Bank N.V.)
    Bij de sanering van een kantoorgebouw wordt losgebonden (spuit)asbest aangetroffen nadat al eerder hechtgebonden asbest werd ontdekt. Koper legt alleen de vondst van losgebonden (spuit)asbest Koper gebouw legt alleen aanwezigheid van losgebonden (spuit)asbest aan zijn vordering ten grondslag. Begon de klachttermijn van artikel 7:23 BW te lopen na de eerdere ontdekking van het hechtgebonden asbest, waarover koper niet heeft geklaagd en staat het niet verrichten van nader onderzoek na de vondst van het hechtgebonden asbest een beroep op de aanwezigheid van losgebonden (spuit)asbest in de weg?

  • HR 20 december 2013 (X/Wendy's International Inc.)
    Is sprake van een depot te kwader trouw van het merk Wendy's, heeft het Hof alle omstandigheden van het geval in zijn beoordeling betrokken en is Wendy's een merk van algemene bekendheid?

  • HR 12 april 2013 (Fikszo c.s./Stokke c.s.) en HR 22 februari 2013 (H3 Products c.s./Stokke c.s.)
    Maken de door H3 Products en Fikszo op de markt gebrachte kinderstoelen inbreuk op de auteursrechten van Stokke op de Tripp Trapp kinderstoel?

  • HR 1 juni 2012 (Esmilo B.V./Mediq Apotheken Beheer B.V.)
    Is een nietige samenwerkingsovereenkomst tot stand gekomen met betrekking tot internationale handel in medicijnen, vanwege strijd met een publiekrechtelijk voorschrift?

  • Rb Utrecht 16 mei 2012 (Consumentenbond/Multisafe B.V.)
    Handelt Multisafe, een assurantietussenpersoon, onrechtmatig door van consumenten die via haar een verzekering hebben gesloten een maandelijkse bijdrage te vragen?
  • HR 24 februari 2017 (Parkking Ontwikkeling B.V./mr. H.J. Alberts q.q.) 

    Uitleg van een brief waarin een beroep op een ontbindende voorwaarde in een overeenkomst wordt gedaan en de toepasselijkheid van de wilsvertrouwensleer. Passeren van een bewijsaanbod.

  • HR 25 november 2016 (Fa-Med B.V./X) 

    De Hoge Raad beantwoordt prejudiciële vragen met betrekking tot de vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten en de veertiendagenbrief, zoals over de aanvang van de veertiendagentermijn, de stelplicht en bewijslast, de gevolgen van de onjuiste vermelding van de termijn, de gevolgen van gedeeltelijke betaling tijdens de veertiendagentermijn en de rol van de rechter in dergelijke zaken.

Neem contact op